De voedingsstoffen

Bij het toekennen van het Vinkje is het belangrijk te weten hoeveel suiker, zout, verzadigd vet en transvet producten bevatten. Ook het aantal vezels en calorieën kan meewegen. Waarom is er eigenlijk gekozen voor deze criteria?
Verzadigd vet en transvetten
Vet is een bron van energie (calorieën), vitamine A, D en E en essentiële vetzuren. Op basis van scheikundige eigenschappen wordt vet onderscheiden in onverzadigd en verzadigd vet. Daarnaast zit in voeding soms ook transvet. Voor de gezondheid is het zaak producten te kiezen die zo min mogelijk verzadigd vet en transvet bevatten. Ik Kies Bewust houdt daar in haar criteria rekening mee. Verzadigd (‘verkeerd’) vet en transvet verhogen namelijk het cholesterolgehalte in het bloed en vergroten daarmee de kans op hart,- en vaatziekten. Onverzadigd vet verlaagt juist het cholesterolgehalte.
Voedingsvezel
Fruit, brood en maaltijden zijn belangrijke bronnen van voedingsvezel. Ik Kies Bewust kijkt in deze groepen naar voedingsvezel omdat ze belangrijk zijn voor de darmwerking. Volgens de Gezondheidsraad moeten volwassenen 30 tot 40 gram aan voedingsvezels per dag binnenkrijgen. Op dit moment haalt slechts één op de tien Nederlanders die hoeveelheid. Vezels zitten onder meer in volkoren- en roggebrood, zilvervliesrijst, groente, fruit en aardappelen. De Wetenschappelijke Commissie stimuleert de inname van vezels die bij het oorspronkelijke product horen, zoals meer volkorengranen in brood. Toevoeging van bijvoorbeeld groentevezels aan brood wordt ontmoedigd, omdat niet bekend is of alle vezelsoorten hetzelfde gunstige effect hebben.
Zout (natrium)
Teveel zout (natrium) veroorzaakt een hoge bloeddruk, waardoor we meer kans op hart- en vaatziekten hebben. Volgens de richtlijnen van de Gezondheidsraad mogen we ongeveer zes gram zout per dag binnenkrijgen, maar waarschijnlijk ligt dit in Nederland op 9 tot 10 gram per dag per persoon. Het meeste zout zit als smaakmaker 'verstopt' in ons eten.
Suiker
Het innemen van teveel energie, bijvoorbeeld door suiker, kan bijdragen aan overgewicht. Suiker leidt nauwelijks tot verzadiging zodat mensen er snel te veel van gebruiken. Met name bij suikerhoudende frisdranken is dit het geval. Aan minder zoete producten kun je wennen en een mindere voorkeur voor zoet helpt om minder gesuikerde producten te kiezen. Ook is het zo dat als je vaak producten met suiker eet, dit tot tandbederf kan leiden. Ook hierom is het beter om producten met minder suiker te kiezen.
Calorieën
Calorieën geven het energiegehalte aan van een product. Calorieën zijn niet slecht, maar als je meer calorieën binnenkrijgt dan je verbruikt, word je dikker. Bij verschillende productgroepen, zoals snacks, maaltijden en dranken, wordt daarom ook gekeken of dat zij niet teveel calorieën bevatten.
Voor meer informatie over een gezondere voeding: http://www.voedingscentrum.nl/